LASIK
LASIK staat voor LAser in SItu Keratomileusis.
Bij de LASIK-methode wordt de laserbehandeling in een diepere laag van het hoornvlies uitgevoerd.
Bij hoge correcties wordt de afvlakking van het hoornvlies niet aan het oppervlak aangebracht (zoals bij PRK, LASEK), maar iets dieper in het weefsel. Hiertoe wordt eerst een dun laagje hoornvliesweefsel (een "flapje") losgesneden met een microkeratoom, tot deze aan een klein stukje weefsel nog vast zit. Aan één zijde blijft het flapje dus aan het hoornvlies zitten.
Met LASIK kunnen lagere en middelhoge sterktes van bijziendheid (-1 tot -9,5 dioptrieën), astigmatisme (tot maximaal 6 dioptrieën) en verziendheid (tot +6 dioptrieën) uitstekend worden gecorrigeerd.
De kandidaat dient ouder te zijn dan 18 jaar en de refractieafwijking (bijziendheid of verziendheid) moet gedurende het laatste jaarstabiel geweest zijn.
Bij correctie van sterke oogafwijkingen moet méér hoornvliesweefsel worden verwijderd.
Als dit aan de buitenkant van het hoornvlies zou gebeuren, zoals bijPRK, zoude kans op storende littekenvorming sterk toenemen.
Bij grotere oogcorrecties wordt de afvlakking van het hoornvlies daarom niet aan het oppervlak, maar iets dieper in het hoornvliesweefsel aangebracht, zoalsbij de LASIK.
Het blijkt dat bij deze behandeling de kans op storende littekens kleiner is. Van tevoren moet wel bepaald worden of het hoornvlies dik genoeg is omvoldoende afvlakkingmogelijk te maken.
Zo moet het hoornvlies 460 um dik zijn. Bij te hoge sterktes is de LASIK ook niet meerdegeschiktste methode.Hogere sterkten worden dan behandeld met een lensimplantatie (zie bijoverige behandelingen).
Terug naar het overzicht